goed in je vel.nl

Columns om op te kauwen. Wie gelukkig wil worden moet in elk geval de wil hebben om diep na te denken. Waarom doe ik zus of doe ik zo? Hoe logisch zijn bepaalde dingen? Kan het anders? Word ik hier gelukkig van? Hoe groter je bewustzijn, hoe meer kans je hebt op een gelukkig leven. De columns hieronder gaan over alledaagse dingen die je ongetwijfeld herkent. Hopelijk stimuleren ze je om eens flink op het aangesneden onderwerp te kauwen. En zijn ze uiteindelijk een bron van inspiratie in je dagelijks leven.

..en maar doorgaan!

Onlangs sprak ik een jonge vrouw, ze zat al maanden thuis. Afgeknapt. Burn-out, overspannen, gewoon down and out. Ze had het ooit zo naar haar zin in haar job. Leerde veel, werd zeer gewaardeerd, verstond haar vak. Dóórgaan was haar devies, wat er ook gebeurt.

De jaren regen zich aaneen, mensen gingen weg, nieuwe kwamen, de sfeer op het bedrijf veranderde stukje bij beetje. De vertrouwdheid van de mensen om haar heen viel weg, ze voelde zich steeds meer in de verdrukking. Ze werd onaangenaam bejegend, ging steeds minder presteren.

Haar lijf begon te protesteren, ze zag nog geen verband. Dokter, pillen, het ging gelukkig weer beter, dóórgaan bleef haar drive. Tot het lijf er de brui aangaf, hartkloppingen, hyperventilatie, ze schrok zich kapot. Wat is er aan de hand?  Tot hier, voelde ze en liet het op haar werk afweten. Die is niet ziek, wist haar meerdere stellig, ze loopt er gewoon de kantjes vanaf...

Van dokter naar therapeut. Praten, praten, praten, alles eruit, ja, ze was zichzelf aardig kwijtgeraakt. Het kost tijd om weer te paard te komen, ja logisch, als je er tien jaar over doet om zo de vernieling in te draaien mag je niet verwachten dat je binnen een paar weken weer vrolijk de draad kunt oppakken.

Zij is niet uniek, het gebeurt zo vaak. Ik ken een man die er een goede gewoonte van heeft gemaakt om zichzelf om de zoveel tijd volstrekt voorbij te rennen. Werkenwerkenwerken, altijd bezig, nauwelijks rust. En als de omgeving er wat van zegt, zegt hij doodgemoedereerd dat hij echt wel rust neemt, dat hij juist heel goed is in ontspannen. Hoe hou je jezelf voor de gek... En plots: boem, afgeknapt, ziek, van slag, uitgeschakeld. Na een paar weken gaat het wel weer, en dan weer hup ertegenaan. In looppas naar de volgende afknap.

Wat is dat toch, dat we zo bereid zijn onszelf te verloochenen, zo voorbij te rennen?  Dat we alles willen doen om te bewijzen dat we van staal zijn, dat niks ons kan deren. Dóórgaan, tot de tong op onze schoenen hangt. Plichtsbesef? Verantwoordelijkheidsgevoel? Angst? Eerzucht? Het is van alles wat, lijkt me. Maar degene die in je leven het allerallerbelangrijkste is wordt volstrekt over het hoofd gezien. Jezelf. Je hebt gevoel en begrip voor alles en iedereen, maar volstrekt niet voor jezelf.

Niets is zo belangrijk als je eigen leven, je eigen geluk. Niemand anders kan jouw leven leiden. Niemand zorgt voor jouw geluk. Niemand maakt zich echt bezorgd om jouw gezondheid. Jij moet het doen.

Wel raar dat we die wijsheid vaak slechts door schade en schande weten te verwerven. Het was handiger geweest als onze ouders ons dit zouden hebben meegegeven. De meeste ouders leggen de nadruk op plichtsbesef, doorzetten, niet zeuren, doen wat je zegt, staan voor de dingen die je belooft, aanpakken. Goed bedoeld. Maar ook de grenzen tellen. Tot waar moet je gaan? Waar is dat punt?

Een gelukkig leven gaat over evenwicht. Doorgaan? Doorgaan terwijl je werk je niet meer bevalt? Doorgaan - ook al is je werk nog zo leuk -  terwijl je lijf om rust vraagt? Evenwicht bereik je slechts met doorgaan én stoppen. Eén voet op het gaspedaal maar vooral ook één voet bij de rem. Doorgaan is voor de meeste niet zo’n probleem. Stoppen des te meer. Terwijl je dat juist zo hard nodig hebt...

Lees verder ↓
Deel via Facebook LinkedIn Twitter

Reacties

Marie-Cecile | 27 juni 2011

Wat betreft plichtsbesef snap ik het helemaal. Ik ben ook altijd heel erg toegewijd aan mijn werkgever (mits ik de baan leuk vind :-), maar op het moment dat er iets gebeurt met (in mijn geval) je kind, kun je ineens alles laten vallen en er zijn voor je gezin, voor jezelf. En op het moment dat je dan terugkomt, merk je dat de wereld (en je werk) gewoon doorgedraaid heeft. Ik wil niet zeggen dat je een ernstige prive-situatie moet meemaken om tot deze conclusie te komen, maar het helpt wel. Een baan is leuk, maar mijn eigen vrije tijd wordt steeds belangrijker. Kortom; ik ben al tot inkeer gekomen! Joehoe en nu de zon in!

Monique Veenstra | 27 juni 2011

Naar mijn idee, is de manier waarop we met elkaar omgaan hier grotendeels debet aan. Je wordt hier niet gezien en gewaardeerd om wat je bent in al je facetten, maar veelal alleen om wat je doet en wat je bezit. De eerste vraag die men stelt bij een kennismaking is bijna altijd: Wat doe je voor werk? Alsof dat je definieert.

Jan Jaap | 27 juni 2011

Dank je Monique voor je kijk op deze kwestie en ook Cecile dank. Fijn, Cecile dat je dat inzicht inmiddels hebt verworven en jezelf en je leven centraal hebt gesteld in plaats van je werk. En Monique, hoe raak schets je het probleem. Een aardige anekdote uit mijn eigen leven. Dit sluit wel heel mooi aan bij wat jij zegt. Ooit had ik een vriendin die mij op een gegeven moment bozerig verweet dat ik niet van mensen hield. Want... je vraagt ze nooit wat voor werk ze doen! Ik moest daar toen even over nadenken. Het klopte wat ze zei, ik vraag dat bijna nooit. Ik ben daarin ook niet zo geïnteresseerd. Ik vind het boeiend WIE iemand is, hoe hij/zij denkt, voelt, wat hij/zij meemaakt. En werk kan daar wel bij ter sprake komen, maar het is niet essentieel.

Marjolein | 27 juni 2011

Tja, daar snijd je een precair onderwerp aan, JanJaap. Voor velen schijnt de rem op de investering in werk niet te bestaan. Ik verbaas me vaak over de bovenmatige ijver die mensen vaak aan de dag leggen als het gaat om werk. Vaak is het verantwoordelijkheidsgevoel. Vaak ook een behoefte om het 'goed te doen', ofwel een behoefte aan bevestiging. Mogelijk ontstaan vanuit onzekerheid over eigen kunnen? En je noemt terecht ook nog allerlei andere redenen. Wat mij ook verbaast, is dat veel mensen de neiging hebben heel goed voor het werk/de organisatie te zorgen, maar als je vraagt of de organisatie ook goed voor hen zorgt, het antwoord vaak schuldig blijven. Te vaak heb ik mensen horen zeggen dat 'het echt niet minder kan'. Dat ze niet minder uren kunnen werken en zeker niet minder dagen. Soms zal dat echt wel eens het geval zijn, maar altijd? Structureel? Denken mensen werkelijk dat de zaak failliet gaat, als zij minder gaan werken en daarmee beter voor zichzelf gaan zorgen? Bij mij thuis hangt al sinds jaar en dag een spreuk op het prikbord, die je stevig op je benen zet, mocht je gekweld worden door twijfelachtige arbeidsplicht: 'Als je denkt dat je onmisbaar bent, ga dan eens wandelen op een begraafplaats'.

Marie-Cecile | 28 juni 2011

Hoi Marjolein, Ik ga die spreuk meteen printen en ophangen, briljant!

Jan Jaap | 28 juni 2011

Die begraafplaatsquote past wel heel goed bij mijn visie op onmisbaar/misbaar. De meeste mensen doen in hun leven reuze hun best om zichzelf onmisbaar te maken. Maar onmisbaarheid is ook je zelfgecreëerde gevangenis. Waarom zou je niet alles in het werk stellen om misbaar te zijn? Ideaal. Niemand heeft je echt nodig, dat is pas vrijheid...

Reactie plaatsen

Naam*
Email*
Reageer*
Neem aub de letters van de captcha over*
captcha
Je e-mailadres wordt niet geplaatst
Inklappen ↑

Over klimaat en weer

Als er iets lastig is aan te duiden, dan is het wel het woord ‘geluk’. Als je iemand vraagt: ben je gelukkig, dan slaat vaak de verwarring toe. Ja, best wel, komt er soms aarzelend uit. Of: ja, soms wel, soms niet. Heel zelden hoor je een volmondig: ja.

Ik heb er de Dikke Van Dale maar weer eens bij gepakt. Die zegt bij het woord ‘geluk’: de aangename toestand waarin men al zijn (aardse) wensen en verlangens bevredigd ziet. Tja... Als je die definitie even fileert dan zou dat betekenen dat, als je nog verlangens, nog dingen te wensen hebt, je dan niet gelukkig zou kunnen zijn. Ik denk dat er geen mens bestaat zonder verlangens en wensen. Ons leven is onvolmaakt, alles kan per definitie altijd beter en het is goed om daar ook naar te streven, dunkt mij.

Wat mij wel opvalt is dat veel mensen het woord geluk koppelen aan de gevoelens van het moment. Ik sta op, had een leuk dagje aan het strand bedacht maar het regent dat het giet. Ik voel me ongelukkig. Ik kom net uit het ziekenhuis, ben aan mijn rug geopereerd, voorlopig ben ik uitgerangeerd en ik heb pijn bovendien. Ik ben ongelukkig. Ik ben zojuist wezen shoppen en heb een paar beeldschone schoenen gekocht. Ik ben gelukkig. Mijn kind heeft zijn Citotoets goed gemaakt en krijgt daardoor een advies voor het atheneum. Ik ben gelukkig.

Ongetwijfeld zullen velen deze situaties herkennen en het gevoelde geluk beamen. Naar mijn mening worden er twee dingen door elkaar gehaald. Had daar niet beter kunnen staan: ik voel me rot of ik voel me blij dan ik ben ongelukkig of ik ben gelukkig? Geluk is veel groter, veel meeromvattender dan blije gevoelens. Hetzelfde geldt voor ‘je ongelukkig voelen’, ook dat stijgt ver uit boven incidentele onprettige gewaarwordingen.

Geluk is naar mijn mening een status zonder veel fluctuaties. Je kunt niet de ene dag gelukkig zijn en de andere dag ongelukkig. Geluk is een stabiele geestesgesteldheid, een diepgevoelde tevredenheid met je leven, met je verworvenheden. Een soort heerlijke hardnekkigheid. Of, in het geval van ongeluk, een afschuwelijke hardnekkigheid.

Wie zich ongelukkig voelt en op weg wil gaan naar geluk heeft een zware tocht voor de boeg. Je moet de hardnekkigheid van ongeluk zien te overwinnen, en dat kan slechts met veel lef, met pijn en alle moeite. Het is echter een even grote klus om van je geluk af te komen. Niemand wil dat natuurlijk en echt gelukkig mensen zullen beamen dat ze niet zouden weten hoe ze dat zouden moeten doen. Met andere woorden, wat er in hun leven ook gebeurt, het moet wel heel bar zijn wil je de hardnekkigheid van geluk kunnen doorbreken.

Ik stel de grootsheid van geluk vaak voor als het klimaat. Nederland heeft een zeeklimaat. Hoe het weer ook is, of het nu regent, sneeuwt, stormt, vriest of snikheet is, het is en blijft een zeeklimaat. Geluk is als het klimaat, het is een constante. Je fluctuerende gevoelens zijn als het weer. Of je fiets nu is gestolen, je het ziekenhuis in moet of je dochter voor de vierde keer gezakt is voor haar rijbewijs, het maakt niet uit. Geluk is en blijft nog steeds geluk. Met andere woorden: ik ben gelukkig en ik voel me kloten. Kan! Gelukkige mensen voelen zich echt niet elk moment van hun leven in een hoerastemming. Je soms rot, verdrietig of negatief voelen hoeft dus inderdaad niet te betekenen dat je ongelukkig bent.

In dit licht is de veelgehoorde gedachte dat gezondheid van wezenlijk belang is voor geluk naar mijn mening niet juist. Ik ben ziek en ik ben gelukkig past heel goed bij elkaar. Voor ongelukkige mensen geldt in wezen hetzelfde. Ik heb een heerlijk feest vanavond, ik voel me blij en ik ben ongelukkig. Ook dat gaat heel goed samen. Ongelukkige mensen lachen echt wel eens en zijn zo nu en dan oprecht blij...

Wordt het niet eens tijd om je geluk te herijken?

 

Lees verder ↓
Deel via Facebook LinkedIn Twitter

Reacties

Claudia | 22 maart 2011

Mooi. Wat ik heb geleerd is dat je GELUK(s)(gevoel) leunt op 'ongeluk'. Alles in ons leven draait om de (juiste) balans vinden, voor jezelf. In elke situatie, voel je je rot, denk aan iets dat je blij maakt. Voel je je eenzaam, dan denk aan de mensen die van je houden en van wie jij houdt. Zo 'simpel' is het, je zult het zelf moeten doen.

Jeroen | 3 april 2011

Een vraag die mij me opkomt, geldt bij geluk ook wat er geldt bij klimaat? Dat het klimaal een optelsom is van het weer over een langere periode? Met andere woorden, is geluk een optelsom van de leuke en minder leuke momenten? Of is het iets anders of meer in het geval van geluk? Ik denk dat het deels wel het geval is: meer leuke momenten, zorgt voor meer geluk, maar dat is maar een (klein) deel van het verhaal... Aspecten zoals: perceptie/focus (glas half vol half leeg), hormonen, of sociale omgeving om maar wat te noemen hebben allemaal invloed buiten de daadwerkelijke gebeurtenissen om. Twee practische vragen die bij me opkomen zijn de volgende: als geluk zo constant is, kun je het dan wel veranderen? Zo ja, hoe is het te veranderen, kun je een nieuwe "geluks baseline" vinden?? Ik denk zelf dat het antwoord op de eerste vraag is: Ja dat kan, maar is niet makkelijk. Eigen impliceren deze columns al dat het zo is. Maar ik vraag me af of dat ook is wat de meeste mensen geloven? Antwoord op vraag twee? "lees goedinjevel.nl?" :-)

Reactie plaatsen

Naam*
Email*
Reageer*
Neem aub de letters van de captcha over*
captcha
Je e-mailadres wordt niet geplaatst
Inklappen ↑

Gelukkig of pechig?

Laatst een interessant gesprek gevoerd over boffen, geluk hebben, mazzel hebben. De man die ik sprak leeft een genoeglijk leven. Hij werkt, zijn vrouw werkt, ze verdienen geld, hebben een mooi huis, een lief kind, een auto, gaan af en toe met vakantie, gaan soms lekker en gezellig uit eten, hebben heerlijke vrienden, kortom: een prachtig leven. Zijn zus heeft het in haar leven minder naar haar zin.

Zijn zus heeft het in haar leven minder naar haar zin. Worstelt met haar werk, het huwelijk loopt niet op rolletjes, zij kan ook niet zo vaak met vakantie, voelt zich onbehaaglijk et cetera, kortom: geen prachtig leven. Ja, maar jij hebt ook altijd mazzel, verwijt zij haar goedboerende broer. Die is daar erg van geschrokken. Met zo’n opmerking is de discussie over hoe het komt dat de dingen in je leven op een bepaalde manier verlopen aardig in het slop geperst. Dat het iemand goed gaat berust op puur geluk, degene bij wie het niet zo lekker marcheert heeft domme pech. Zoiets. Er zit iets van verwijt in: jij boft, ik niet...

Een boeiend onderwerp. In hoeverre is iemand verantwoordelijk voor de kwaliteit van zijn eigen leven, voor de dingen die hij verwerft, zijn materiele en geestelijke welzijn? Kun je eigenlijk wel spreken van boffen, mazzel hebben of pech hebben?

Eerlijk gezegd heb ik niet zoveel met ‘geluk hebben’. Geen enkel geluk komt uit de hemel vallen, wij kneden ons eigen leven, alleen wijzelf, niemand en niets anders. Sommigen mensen die zich gelukkig voelen en het materieel ook aardig voor elkaar hebben, willen zelf nog wel eens zeggen dat ze geluk hebben gehad. Door de oorzaak buiten henzelf te leggen bagatelliseren ze hun eigen inbreng. Mooi, die bescheidenheid, maar vaak niet terecht. En overigens, de mensen die zeggen pech te hebben, doen in wezen hetzelfde. Ook zij bagatelliseren hun eigen inbreng, hun eigen verantwoordelijkheid.

We leven ons leven, doen onze dingen, al dan niet bewust. We zetten stappen, vallen en staan op, worstelen ons soms door dingen heen, hebben plezier, voelen pijn, maken fouten en doen goede dingen. Onze inspanningen monden uit in een fijn leven, nee, laat ik het beter zeggen, onze inspanningen ervaren we als een fijn leven. De weg die we gaan, de resultaten die we boeken bezorgen ons plezier, ondanks de struikelpartijen. Mazzel?

Maar een ander die dezelfde gang maakt, ervaart dat niet als een fijn leven. Pech?

Het is waar, we zijn nauwelijks in staat om grip te hebben op de omstandigheden die zich aan ons opdringen. Je kunt niet voorkomen dat het gaat regenen, dat er windkracht dertien losbarst, dat je dood gaat, dat de economie het moeilijk heeft. En het is lastig om te vermijden dat je ziek wordt, dat de kat onder de auto komt, dat je je baan verliest, dat je kind aan de drugs raakt, dat je partner zegt niet meer van je te houden. Iets anders is hoe je met de omstandigheden omgaat.

Een voorbeeld. Ik had alweer een tijd geleden een vriendin wier man was overleden. Ze was er kapot van. Haar man had de zaken slecht geregeld en uiteindelijk had ze het ook financieel knap lastig. De kinderen van haar man keerden zich ook nog eens tegen haar. Op een nacht belde ze me op, in alle staten, ze stond ergens lang de weg met een lekke band. Ook dat nog, riep ze uit! Waarom moet dat mij nu weer overkomen? Het kostte me moeite om haar uit te leggen dat er dagelijks in Nederland weet ik het hoeveel honderd banden klappen. Dat kan gebeuren. Maar om daar nu de conclusie aan te verbinden dat dat verband houdt met de andere negatieve omstandigheden?

Naar mijn mening zit het zo: we hebben geen geluk, maar we kunnen ons wel gelukkig voelen. We hebben geen pech maar we kunnen ons wel pechig voelen. Het zit ons hoofd en in ons hart. Het is van ons en komt door ons. Wij veroorzaken onze eigen gevoelens. Het gevoel van geluk en pech is niemand aan te rekenen, slechts onszelf...


UIt het boek 'Wie heeft ons in godsnaam geleerd dat regen slecht weer is?'

Lees verder ↓
Deel via Facebook LinkedIn Twitter

Reacties

Jeroen | 18 februari 2011

Dag Jan Jaap, Helemaal gelijk! Er is ook een onderzoek gedaan over hoe mensen zich voelen in bepaalde situaties, bijvoorbeeld na de dood van iemand, als je in de gevangenis komt of een ernstige ziekte hebt etc. In het algemeen blijkt dat, hoe mensen zich voelen - gelukkig, ongelukkig, verongelijkt, boos, agressief etc. - na ongeveer een jaar hetzelfde is als voordat het ze overkomen is. Het lijkt erop dat de omstandigheden niet veel uitmaken hoe je je voelt, maar de manier waarom je met die omstandigheden omgaat en incorporeert in je leven. Natuurlijk wel sneu voor al die boze en verongelijkte mensen...;-) Maar die kan jij misschien wel een beetje helpen...;-0 Jeroen

Veronique Bosmans | 18 februari 2011

Lieve JanJaap c.s. Een houding is zeer bepalend. Een boogschutter houdt rekening zijn eigen materiaal,de spanning die de boog aankan met zijwind, tegenwind, verblindende zon, schrikgeluiden, weet dat oefening kunst baart en neemt de lessen, die met die oefeningen komen, mee. De roos spreekt hem aan, want hij is boogschutter. Geluk heeft dus ook iets met zelfkennis te maken. Emoties geven je een kans om te ontdekken wat je aanspreekt. Dus als je het leven van je broer leuker vindt, kun je dat als doel nemen, Als blijkt dat de oefeningen die daarbij horen om ze te verwerven je geen geluk geven, weet je wat je los kan laten. Het kan ook zijn dat je niet zo als je broer bent en zijn talenten niet de jouwe zijn, en de opofferingen dan wel erg groot zijn. Als je je meet aan een ander, meet dan alles, Deze totale meting zal een afweging met zich mee kunnen brengen, dat je het zo slecht nog niet hebt en dat je jezelf weer wat beter kent. Je kan dan je pijlen richten op wat je wilt treffen. Wat jou aanspreekt. Dat doel ligt meestal verder dan je neus lang is. Dus het is beter dat je het in het oefenen met je pijlen ook een beetje leuk hebt. De hedonistische calculus als afweging voor je handelen. Het geluk zit aan de handeling vast,niet aan het doel. Bezit van de zaak einde van het vermaak.

Victoria | 20 februari 2011

Hallo Jan Jaap! Inderdaad, gelukkig of pechig zijn bepaalde staten van zijnde en niet feiten. Er zijn omstandigheden die maken jou weg een stuk makkelijk of moeilijk te lopen maar het ligt aan jou om ze op de beste wijze af te maken. Het gebeurd niet altijd dat je de juiste beslissing neemt toch, leven is een school waar wij allemal te leren hebben.

Reactie plaatsen

Naam*
Email*
Reageer*
Neem aub de letters van de captcha over*
captcha
Je e-mailadres wordt niet geplaatst
Inklappen ↑

Gekwetst zijn of voelen

Ja, en weet je wat ze ook nog zei? Dat ik sowieso nogal lui overkom, omdat ik al zolang geen werk meer heb. Tjee, dat noemt zich dan vriendin! Hoe kan iemand je zó kwetsen! Interessant wat hier gebeurt. De man tegenover me voelde zich flink in zijn wiek geschoten door een opmerking van een goede vriendin, zoals hij haar noemde.

Ze had op een gegeven moment nogal tegen hem uitgepakt en hem - in haar eigen ogen waarschijnlijk - stevig de les gelezen. En hem gekwetst! En daar zat het probleem.

De vriendin had een mening over alles en dat vond hij eigenlijk wel aantrekkelijk. Het leverde altijd boeiende gesprekken op waarvan zij beiden het nodige opstaken. Soms gingen de gesprekken over hun eigen goede en minder goede kanten, en ook daar kon hij mee omgaan. Zei hij. Ook als er wat kritiek naar elkaar doorklonk, dan was er wat hem betreft echt geen man overboord. Hij was driekwart jaar geleden ontslagen en zat al die tijd zonder werk. Solliciteren, solliciteren, solliciteren, hij deed niks anders, nou ja, het bleef bij brieven schrijven, al dan niet op basis van een vacature. Twee keer in die driekwart jaar op gesprek geweest, het had niks uitgehaald. Dus doodde hij zijn tijd met lezen, internet en uitgaan, alles rustigjes aan want met zijn uitkering was het maar een pover bestaan. En juist daarover pakt ze hem zo aan. Lui! Lui? Nou, allesbehalve vond hij...

De vraag is of je door haar gekwetst bent of dat je je gekwetst voelt, probeerde ik. Wat maakt dat nou uit, dat is toch precies hetzelfde? Ja, het gevoel dat erbij hoort is mogelijk hetzelfde, je voelt je rot om het verwijt dat je gekregen hebt. Maar er is een essentieel verschil tussen gekwetst zijn of je gekwetst voelen. De vraag is of de ander de intentie had om jou pijn te doen. Zoja, dan vind je terecht dat je gekwetst bent. Zo nee, dan voel je je gekwetst maar ben je het niet.

Je zei dat het een goede vriendin van je is, vroeg ik hem ten overvloede. Hij vond het raar dat ik dat in twijfel trok. Maar, zei ik, vrienden kúnnen elkaar niet kwetsen. Een van de kenmerken van echte vriendschap is dat je elkaar niet kunt beledigen, wat je ook zegt. Omdat alles wat vanuit vriendschap gezegd wordt nooit beledigend kan zijn. Het kan gewoon niet. En als het wel zo is dan mag je terecht de vraag stellen wat de vriendschap eigenlijk heeft voor te stellen. Is het wel vriendschap, of noem je het zo tegen beter weten in..?

Ik heb een mooi voorbeeld uit mijn eigen leven. Ooit heb ik in een lange speech ten overstaan van misschien wel honderdvijftig man een dierbare vriend een klootzak genoemd. Dat kwam zo in mijn verhaal van pas. Mijn vriend begreep de strekking van mijn verhaal en lachte blij. Het grootste deel van het gezelschap viel over me heen, een stortvloed aan verwijten was mijn deel. Vrienden kunnen elkaar niet kwetsten. Dat begreep ík, en dat begreep mijn vriend. De rest had het er moeilijk mee.

Wil je weten of je gekwetst bent of je je alleen maar gekwetst vóélt, dan kun je beter op onderzoek uitgaan. Vraag degene door wie je je zo rot voelt, of hij jou opzettelijk pijn heeft willen doen. Waarschijnlijk is het antwoord: nee. Laat hem of haar dan eerlijk uitleggen wat de bedoeling van de uitgesproken woorden was. Tien tegen een dat de bedoeling anders was dan je dacht, dat er iets heel anders achter die woorden stak dan de wil om te kwetsen. De ander heeft zich misschien wat onhandig uitgedrukt zonder iets kwaads in de zin te hebben.

Veel misverstanden komen voort uit het feit dat we vinden dat we gekwetst of beledigd worden. In veel gevallen is daar echter geen sprake van. En niet iedereen is even handig in het kiezen van de goede woorden bij zijn bedoelingen. Goed om ook dat te beseffen. Wie bij het onderwerp 'kwetsen' een helder onderscheid maakt tussen ‘voelen’ en ‘zijn’ bespaart zichzelf de nodige pijn en frustraties. En ervaart tot zijn plezier dat goede vrienden elkaar inderdaad niet kunnen kwetsen...

Uit het boek 'Wie heeft ons in godsnaam geleerd dat regen slecht weer is?'

Lees verder ↓
Deel via Facebook LinkedIn Twitter

Reacties

Veronique Bosmans | 29 januari 2011

Ik zie en voel dat anders. Juist goede vrienden kunnen mij kwetsen, want van hen trek ik me negatieve opmerkingen aan. Bovendien kennen ze je het best, dus ze weten je te raken. Als ze zelf pijn hebben leggen ze dat bij jou op je bordje. Samen delen heet dat. Dat komt niet altijd zo goed uit. Als je zelf ook even niet zo sterk in de schoenen staat. Als ik even terugdenk zijn het mijn meest dierbare, die me het hardst gekwetst hebben. Het zijn je vrienden die het diepst gaan, want de waakzaamheid is daar bijna niet van op van toepassing. Voor je vrienden sta je open en kritiek van hen onderzoek je. En je bent niet altijd blij met jezelf, maar of dat er nu zo ingewreven moet worden. Als het goed is heb je een strenge zelfkritiek en een mildheid naar anderen.Kwetsbare opmerkingen liggen buiten het gangbare verwachtingspatroon. En zoals vrienden je leuk kunnen verrassen, kunnen ze je ook 'ongehoord' afserveren. Ik maak een onderscheid tussen een prille vriendschap en vrienden die je bestaan vorm geven, eigen zijn. Je loopt lange tijd mee samen op, maar het kan gebeuren dat ieder zijns weegs gaat. Kritiek kan voortkomen uit het feit dat een vriend het moeilijk vindt om afscheid te menen. Dagzeggen na een ontmoeting is voor sommige mensen te volwassen en maken liever ruzie. Jammer, want er is alleen een leven in het leven met anderen. In de Pont in Tilburg is een mooie video te zien van de Ontmoeting. Een aanrader. Het zou prachtig zijn te danken voor een vriendschap en dan met goede herinneringen afscheid te nemen en daar hoeft jij of je vriend niet voor in de kist te liggen. Er zijn meer fases in je leven dan de eindfase. Ik mag de conclusie trekken, dat een stekelige opmerking vanuit verschillend perspectief onderzocht kan worden. Gelukkig is er dan ook nog de opbouwende kritiek. Een beetje pijn als investering voor veel profijt op de lange termijn.

Jan Jaap | 29 januari 2011

Een groot stuk van je verhaal gaat over het afscheid nemen van elkaar. Daar zijn de meeste mensen niet goed in. Dat kan kennelijk alleen maar door de ander ongenadig op de tenen te trappen. En het moet gezegd worden, het is een effectieve manier. Kennelijk is er al zoveel in de verdrukking geraakt dat de gal even geleegd moet worden. Moedwillig kwetsen, ja. Maar de vriendschap is op dat moment al ver te zoeken. En ik ben het volstrekt met je eens. Het is goed te accepteren dat een vriendschap kan slijten, net zo goed als liefde dat kan. Hoe schuldig is iemand bij wie dat gebeurt? Hoe mooi en terecht is het om dankbaar terug te kijken naar het cadeau waarvan je hebt mogen genieten, de liefde, de vriendschap van de ander. Hoe bevoorrecht was je. Maar nog steeds, echte vrienden, verbondenheid tot in het diepst van je vezels, geen voorwaarden, vriendschap, liefde zo je wilt, nee, kwetsen komt daar niet bij voor. We kauwen het binnenkort samen eens door...

Valse Blondine | 30 januari 2011

Uit dit interessante artikel haal ik het volgende: 1. De vriendin heeft last van vooroordelen en een superioriteitsgevoel en leest anderen graag de les; nou dan weet je dat die vriendin zo is; Of: 2. De vriendin houdt deze vriend een grote spiegel voor en probeert hem zo uit zijn comfortzone te schoppen. Want het zou best eens kunnen dat zij hem hoort jammeren dat-ie geen werk kan vinden (slachtoffer) en hem erop wil wijzen dat-ie misschien nog niet goed heeft nagedacht of-ie werkelijk actief alles uit de kast heeft gehaald om werk te vinden. Vervolgens doet hij zijn beklag dat de vriendin hem 'kwetst' (slachtoffer). Nee, ze had goede bedoelingen want ze wist dat dit hem zou triggeren naar een voor hem toch fijner leven omdat ze hem kent en zijn zwakte een beetje doorheeft. Hij verzet zich tegen deze confrontatie en leidt de aandacht af om te stellen dat-ie geslachtofferd is: 'mijn vriendin is niet lief voor mij'. Terwijl hij goed weet: ze heeft gelijk maar ik heb helemaal geen zin om actief naar werk te zoeken, omdat, ik vul maar in, ik het a) zo prima vindt en daar niet voor uit durf te komen of b) bang ben om nog meer nee's te horen te krijgen en zo mijn eigenwaarde dreig te verliezen of c) geen zin heb een stap terug te doen in status en ook geen zin heb om me te verdiepen in wat wel de mogelijkheden zijn etc., etc...

Lena Pijnenburg-Maelissa | 31 januari 2011

Het is niet zozeer dat je gekwetst wordt, maar dat je je laat kwetsen. Is hetgeen wat de ander over je zegt de waarheid? En is dat jouw waarheid? Neem niets persoonlijk en probeer voor jezelf te achterhalen wat het is dat het je zo raakt. Mensen en situaties komen niet voor niets op ons pad en als we het willen kunnen we daar heel veel van leren.

Victoria | 31 januari 2011

Ik ben echt heel blij om deze alle reacties te mogen lezen daarvoor, kan ik een stuk beter de nederlandse mentaliteit mogen leren. Ondanks het feit dat wij allemal in de zelfde golflengte zitten, wil ik het volgende nadrukken:C'est le ton qui fait la chanson. Een goede vriend zal het op zijn juiste moment gebruiken, meteen, zonder overna te denken,intuitief.....omdat hij/zij om jou geeft. Wanneer het niet zo is, mag je gerust over alles denken of voelen totdat het opgelost wordt. Het ligt aan jou, aan jou zijnde. De "ratios" zouden uiterraad, anders voelen of denken dan de "voelers" en het is niets mis mee in "doing so".

Ad Voermans | 1 februari 2011

Met een glimlach lees ik deze items. Met het onderwerp kwetsen richten we ons gebruikelijk naar de buitenwereld. Iemand anders doet ons iets aan.... Maar de vrijheid van ieder mens is dat hem niet zoveel aangedaan kan worden (onder normale omstandigheden). Het is onze eigen chemie die de gekwetste reactie oproept. Byron Katie heeft daar haar mooie 4 vragen voor. Is het waar? Weet je 100% zeker dat het waar is? Waar voel je dat? Hoe zou je zijn zonder dat gevoel? En daarna mag je omdraaien: ik kwets mijzelf. Op You Tube zijn daar mooie filmpjes van te zien... Ik kan mij herinneren hoe ik als kind eens tegen mijn ouders riep: "sla me maar". Op dat moment was de angel uit het moment. (Niet dat ik als kind geslagen werd hoor). Ik liet mij niet kwetsen. Het voelt heerlijk om daar bewust van te zijn. Het heeft met authentiek luisteren te maken. Als je écht luistert naar de ander, dus zonder ondertussen bijv. te denken wat je gaat antwoorden, houd je vrijheid. Je kunt je niet laten kwetsen, er is geen centrum wat dit toelaat. De kracht van stilte is vele malen sterker. Als iemand kwetsende uitspraken tegen je doet, zwijg in alle talen en blijf luisteren. Het kwetsen kan vrijelijk doorgaan en daardoor zal het sterven. Jij toont daardoor respect. Liefde in werking......

Jan Jaap | 2 februari 2011

Mooi Ad, uiteindelijk gaat het om vrijheid. Gekwetst worden gaat over je eigen gevoelens die je kennelijk voluit toelaat. Maar dat hoeft niet. Dat is je vrijheid. De kracht van stilte is vele malen sterker, schrijf je. In andere woorden zeg je: de kracht van liefde. Niks is sterker, niks in onoverwinnelijker dan liefde.

Ad Voermans | 8 februari 2011

Quote van Paulo Coelho: Wat een ander van je vindt is jou zaak niet.

Hanneke | 30 juni 2013

Juist in liefde kan men gekwetst worden; ik zou bijna durven stellen dat het een niet zonder het ander kan gaan: liefde en pijn. Het is hier niet volmaakt op aarde, en onderlinge communicatie jammer genoeg ook niet. Omdat je vriend of vriendin zo dichtbij je staat, kan hij of zij je juist (vaak onbedoeld) het meest kwetsen. En dan is het geen kwestie van het pijn gevoel negeren, zelfs als je weet dat de ander het helemaal niet verkeerd bedoelt. Dat is negeren van emotie, en het opkroppen, kan nooit goed zijn! Het is dan juist zaak om te durven accepteren dat je pijn hebt/gekwetst bent, dat toe te geven (ook al weet je dat het niet nodig is pijn te hebben, omdat de ander het goed bedoeld), en dan weer verder te gaan. Ook niet hierin blijven hangen dus. Juist door deze acceptatie en het uitpraten kom je dichter tot elkaar (als het goed is). Door pijn kan juist de vriendschap/liefde versterkt worden!

Reactie plaatsen

Naam*
Email*
Reageer*
Neem aub de letters van de captcha over*
captcha
Je e-mailadres wordt niet geplaatst
Inklappen ↑

Fout is goed

Hoe fout is fout? Een vraag die waard is om stevig op gekauwd te worden. Ik bedoel dit: we zijn onvolmaakte schepselen, we doen per definitie domme dingen. Dat zit in ons wezen. Domheid hoort bij ons, het is gewoon niet anders. Dat maakt de mens ook leuk. We doen op onze manier ons best maar weten er toch altijd weer een vrolijke zooi van te maken. Grappig. Maar ook nuttig...

Hoe vaak proberen we niet met wijze woorden te voorkomen dat anderen fouten maken. Of wijzen we ze in al onze wijsheid op de fouten die ze gemaakt hebben? Maar wijze woorden helpen niet, pleeg ik te zeggen. Ouders denken van wel. Ze bedelven hun kinderen onder goedbedoelde, bozige vermaningen en terechtwijzingen, ze begrijpen immers beter dan een kind hoe het leven in elkaar zit? Wat overigens zeer de vraag is. Naar mijn mening is het juist andersom. Kinderen kijken en beleven hun leven en dat van anderen nog onbelast, hun manier van leven, denken en voelen is vaak een inspiratiebron voor ouderen. Maar dat even terzijde.

Wijze woorden vormen een referentiekader waaraan we wat hebben op het moment dat we in de fout gaan. Dan pas gaat het belletje rinkelen: oh ja..! In die zin zijn ze waardevol. Maar instant hebben ze vaak geen effect. Fouten maken is een wezenlijke en hoogst noodzakelijke eigenschap van de mens. Fouten moeten gemaakt worden! Anders leren we niks. Kinderen, pubers, volwassenen, we moeten allemaal onze weg gaan van vallen en opstaan, er is geen andere weg.

Wat raar dat we dan zo op onze fouten worden afgerekend. Dat ouders boos worden op hun kinderen en dat volwassenen elkaar soms zo ongegeneerd de mantel uitvegen. Raar! En wat nog veel erger is: van de boosheid van een ander leren we niks. Ja, we ontwikkelen angst. Een kind komt thuis met een slecht rapport (fout!) en laat het bedeesd aan vader of moeder zien. Die ziet de slechte punten en wordt kwaad. Het kind wordt angstig en heeft één ding geleerd: een slecht rapport kun je beter niet aan je ouders laten zien, daar komt maar bonje van. Terwijl de ouder een andere bedoeling had: dat het kind zou begrijpen dat het beter zijn best moet doen. Angst als drijfveer om iets te doen of te laten, hoeveel volwassenen zitten niet met die gebakken peren? En komen nooit echt aan hun eigen leven toe omdat angst ze gevangen houdt? Angst voor: dat hoort niet, wat vinden de buren ervan, dat vindt mijn man nooit goed... Angst voor afwijzing.

Om een kind duidelijk te maken dat het iets fout heeft gedaan, kun je het beter liefdevol benaderen, lijkt mij. En dat geldt net zo goed voor volwassenen onderling. Fouten moeten gemaakt worden. Met andere woorden: fouten zijn goed, belangrijk en nuttig.

Fout is goed. Daar zit een voorwaarde aan, je moet er wel van willen leren. Volharden in gedrag waarmee je jezelf en anderen tekort doet, daarvoor geldt naar mijn mening: fout is fout. Maar voor de rest, fout is goed. Het is een interessante en bevrijdende manier van denken, waarmee je erkent dat je zelf en anderen onvolmaakte schepselen zijn, die per definitie domme dingen doen. Die gevoelde erkenning maakt je leven wel zo plezierig...

UIT HET BOEK 'WIE HEEFT ONS IN GODSNAAM GELEERD DAT REGEN SLECHT WEER IS?'

Lees verder ↓
Deel via Facebook LinkedIn Twitter

Reacties

Paul Oomen | 12 november 2010

Wat goed om op latere leeftijd, onder het genot van je eerste kopje koffie, jouw overweging te lezen. Het inspireert mij in ieder geval, om er een fijne dag van te maken en die vervelende zakelijke problemen aan te pakken.

Veronique | 13 november 2010

Carl Popper: trial and error is de enige zekere kennis. Wijsheid vergaren vanuit de ontkenning. Op ethisch niveau vond ik de uitspraak van Gabriël Marquez uit zijn 'Herinnering Aan Mijn Droeve Hoeren': moraliteit is een kwestie van tijd. Als we in een kring rond een object staan, zien we allemaal een ander deel van het object en hebben dus allemaal een andere waarheid hierover. Als we hier met elkaar over spreken en naar elkaar luisteren weten we met zijn allen hoe het object echt is. De waarheid vanuit de oprechte dialoog. 'Fout' is dan een gebrek aan luisteren en het niet inleven in de perceptie van de ander.

Fred Budas | 15 november 2010

Goeie column, je 'Fout is goed'. Zit midden in de opvoeding incl. pubers. Je column sprak me aan. Zal 'm ook aan Ilona laten lezen.

Reactie plaatsen

Naam*
Email*
Reageer*
Neem aub de letters van de captcha over*
captcha
Je e-mailadres wordt niet geplaatst
Inklappen ↑